Titel
Valutaresultaat op vordering na verkoop deelneming belast
Publicatiedatum
22/02/2024
Categorie
Vennootschapsbelasting
Bron
Rechtbank Noord-Holland
Aard
jurisprudentie
Nummer
ECLINLRBNHO202314006, HAA 22/2883 en HAA 22/2884
Samenvatting

De opbrengst bij verkoop van een deelneming in een andere vennootschap is door de werking van de deelnemingsvrijstelling vrijgesteld van vennootschapsbelasting. Als de verkoopprijs geheel of gedeeltelijk bestaat uit een recht op een of meer termijnen, waarvan het aantal of de omvang in het jaar van de vervreemding nog niet vaststaat, behoren de waardeveranderingen van dat recht tot de voordelen uit de deelneming. De Hoge Raad heeft in een arrest uit 2020 overwogen dat de tegenprestatie bij vervreemding van een deelneming alle overeengekomen vergoedingen omvat, met inbegrip van een daarin begrepen bedrag aan rente.

In een procedure voor de Rechtbank Noord-Holland is in geschil of de valutaresultaten op de schuldig gebleven koopsom en de ontvangen aanvullende vergoeding onder de deelnemingsvrijstelling vallen. Volgens de rechtbank is dat niet het geval.

De rechtbank is van oordeel dat de prijs reeds bij verkoop van de deelneming vaststond. Het enkele feit dat de prijs in Amerikaanse dollars luidt en de verkopende vennootschap haar jaarrekening in euro’s voert, leidt wel tot valutaresultaten maar maakt niet dat de prijs niet vaststond. De aanvullende vergoeding heeft volgens de rechtbank het karakter van een rentevergoeding. De kopers hebben in de verkoopovereenkomst de keuze gekregen om de helft van de koopsom later op vaste tijdstippen te voldoen. Als zij daarvoor zouden kiezen, dienden de kopers de aanvullende vergoeding te betalen. De kopers hadden de koopsom ook in één keer kunnen betalen. Gelet hierop is volgens de rechtbank geen sprake van een prijs, die geheel of gedeeltelijk bestond uit een recht op een of meer termijnen, waarvan het aantal of de omvang in het jaar van verkoop nog niet vaststond.